Werken voor jezelf is niet beter dan werken voor een baas. En omgekeerd.

Twitter icon
Facebook icon
e-mail icon
8 maart 2018 - 1:29pm -- Redactie

Wil je starten met een eigen bedrijfje? Ben je heel dynamisch en voel je de drang om zelf iets uit bouwen? Of ben je nog op zoek naar werk en verlang je naar een uitdaging in een organisatie of bij een groot privébedrijf? Geloof je in het project van je werkgever en wil je jouw capaciteiten ontwikkelen en verantwoordelijkheid opnemen, binnen een team? Afhankelijk van wat je zelf wil, kan het allebei een goede keus zijn. Elk van de twee opties heeft pro’s en contra’s.

Dit artikel verscheen eerder op www.voorverbeteringvatbaar.be

Als ondernemer kies je voor de vrijheid om zelf iets op te bouwen. Maar er zijn ook risico’s. Heel wat ondernemingen houden het spijtig genoeg maar enkele jaren vol, zo leren de statistieken. Een eigen zaak opzetten is niet gemakkelijk. Dikwijls worden de obstakels slecht ingeschat en is de start te weinig voorbereid.

Een freelancer richt ook een eigen zaak op. Hij vertrekt wel eerder van het eigen kunnen. Een freelancer wil zijn kennis of expertise aanbieden aan ondernemingen om specifieke, vaak kortlopende, opdrachten uit te voeren. Hij is ook zelfstandige, maar verkoopt in essentie vooral het eigen werk. Hij is minder afhankelijk van één werkgever, maar neemt er wel een flinke dosis onzekerheid bij.

Als werknemer kies je voor een sector of organisatie die je goed ziet zitten. Je hebt een vast inkomen, maar absolute zekerheden zijn er natuurlijk nooit. Jobs kunnen tijdelijk zijn en veranderen of verdwijnen. Het inkomen dat aan een job vasthangt, kan dus ook onzeker zijn. Werknemers maken vaak, maar niet altijd, langer deel uit van een organisatie. Ze kunnen de kans krijgen om door te groeien of meer verantwoordelijkheid op te nemen.

Sociale zekerheid

Zowel werknemers als zelfstandigen betalen sociale bijdragen. Die dienen om de sociale zekerheid – lees: je sociale bescherming – te financieren. Voor heel wat moeilijke situaties waar je in je werkende leven mee wordt geconfronteerd, springt de sociale zekerheid in om de pijn te verzachten. Ieder van ons heeft die sociale zekerheid nodig: als je ziek wordt, je job verliest, tijd nodig hebt voor de kinderen of een ziek familielid of wanneer je aan einde van de loopbaan met pensioen gaat. In al die gevallen kan de sociale zekerheid je verlies aan inkomen compenseren.

Hoe die sociale zekerheid is, hangt af van het statuut waarvoor je kiest. Niet iedereen betaalt hetzelfde en dus krijgt niet iedereen hetzelfde terug. Over het algemeen is het zo dat werknemers meer betalen, maar er ook meer voor terug krijgen.

Een werknemer oefent zijn beroep uit door een arbeidscontract te tekenen en zich zo te verbinden aan een werkgever. De werknemer en zijn werkgever betalen sociale zekerheidsbijdragen op het loon. Die bijdragen van alle werknemers worden solidair samengelegd om elkaar te verzekeren voor de risico’s waar we vroeg op laat allemaal tegenaan lopen.

Zelfstandigen hebben een eigen sociaal statuut en zijn onderworpen aan een eigen sociale zekerheid. In de loop van elk kwartaal ontvangt een zelfstandige een bericht met de sociale bijdragen die hij moet betalen. Als zelfstandige is hij ook verplicht om zich bij een sociaal verzekeringsfonds naar keuze aan te sluiten.

Ziekte

Het sociaal statuut voor zelfstandigen voorziet een ziekte-en invaliditeitsverzekering die bepaalde geneeskundige zorgen en de arbeidsongeschiktheid dekt. De verzekering voor geneeskundige verzorging garandeert een terugbetaling van bepaalde medische kosten die de ‘grote risico’s’ worden genoemd. Denk bijvoorbeeld aan ziektes zoals mentale problemen, tuberculose, kinderverlamming; ziekenhuisopnames en belangrijke heelkundige ingrepen; een aantal algemene zorgen gegeven door specialisten; bevallingen en beroepsrevalidatie (een systeem dat mensen met een handicap helpt om een passende job te vinden of te houden en moet bijdragen tot hun integratie in de samenleving, nvdr).

Een zelfstandige is alleen gedekt tegen ‘kleine risico’s’ als hij zelf extra verzekeringen afsluit. Zo bieden sommige ziekenfondsen de zelfstandigen ook de mogelijkheid om een extra verzekering ‘verlies van inkomsten bij arbeidsongeschiktheid’ af te sluiten.

Een werknemer is breder beschermd bij ziekte. Hij behoudt zijn loon in de eerste maand van ziekte. Ook na de eerste maand ziekte blijft het ziekenfonds het verlies aan inkomen financieel compenseren. Bij een arbeidsongeval of beroepsziekte is een werknemer goed beschermd. Hij kan dan een tussenkomst krijgen van de arbeidsongevallenverzekering of het fonds voor beroepsziekten.

Bij een zelfstandige is het ziekterisico over het algemeen veel minder gedekt dan bij een werknemer. Een zelfstandige heeft wel de mogelijkheid zich bijkomend te verzekeren, maar daar hangt uiteraard ook een prijskaartje aan.

Financieel risico

Een zelfstandige draagt zelf alle financiële risico’s. Er is een economisch risico: zal er ‘op de markt’ genoeg vraag zijn naar zijn diensten, producten, prestaties? En er is ook een praktisch risico: zullen bijvoorbeeld al zijn facturen worden betaald? Soms hoopt het helemaal mis en gaat de onderneming failliet waarvoor de zelfstandige werkt. Als een bedrijf failliet gaat of sluit, geniet een zelfstandige geen enkele voorrang. De kans om als freelancer iets te recupereren uit een faillissement is in de praktijk vaak klein. Gaat de zelfstandige zelf failliet? Dan kan mogelijk de faillissementsverzekering worden aangesproken; die bezorgt de gefailleerde zelfstandige maximaal twaalf maanden lang een faillissementsvergoeding .

De werknemer draagt niet zelf het risico van de economische activiteit. Het ondernemingsrisico ligt namelijk bij de onderneming die zijn werkgever is. Bij een sluiting of faillissement krijgt een werknemer prioriteit voor andere betalingen. Als er te weinig middelen in de onderneming overblijven om iets uit te betalen, kan hij aanspraak maken op een tussenkomst van het Fonds Sluiting Ondernemingen.

Zowel een werknemer als een zelfstandige zullen soms niet werken, wat een effect kan hebben op het inkomen. Een zelfstandige heeft geen betaald verlof. Hij heeft ook geen recht op werkloosheidsuitkeringen. Wie in loondienst is, heeft recht op betaald verlof. Als hij aan de voorwaarden voldoet, kan hij ook terugvallen op een werkloosheidsuitkering.

Aansprakelijkheid

Een freelancer of onderneming kan in vele opzichten aansprakelijk worden gesteld, bijvoorbeeld wanneer de opdracht slecht is uitgevoerd (beroepsaansprakelijkheid) of wanneer er bij de uitoefening van de opdracht schade wordt veroorzaakt (burgerlijke aansprakelijkheid). Die aansprakelijkheid kan ook een punt zijn in het contract tussen de freelancer en de opdrachtgever.

De aansprakelijkheid van werknemers is wettelijk geregeld. In principe is de werkgever aansprakelijk wanneer de werknemer, in dienst van de werkgever, schade veroorzaakt. Alleen bij opzettelijke fouten of bij zwaar wangedrag zal de aansprakelijkheid van de werknemer kunnen worden ingeroepen.

Kosten en belastingen

De zelfstandige moet zelf de gemaakte kosten dragen. Hij zorgt ook zelf voor de voorafbetaling van zijn belastingen. In ruil daarvoor mag hij wel zijn beroepskosten – auto, kantoor, computer, betaalde sociale bijdragen enzovoort – aftrekken. Een zelfstandige betaalt sociale bijdragen en belastingen op zijn belastbaar netto-inkomen, dus op wat hij heeft verdiend min zijn kosten.

Bij werknemers draagt vooral de werkgever de kosten en lasten. De werkgever zorgt ook voor de voorafstorting van belastingen. Een werknemer kan dan ook in veel mindere mate kosten inbrengen. De meeste werknemers trekken hun kosten forfaitair af, wat veel minder ruim is dan wat voor een zelfstandige meestal mogelijk is.

Auteur: Tijs Hostyn