Ontwerptekst taakloon kunstenaars

Twitter icon
Facebook icon
e-mail icon
13 maart 2018 - 4:21pm -- Ine Hermans

Werken tegen een taakloon is voor veel artiesten een realiteit. De artiest voert een bepaalde opdracht uit en spreekt daarvoor een loon af met de werkgever.

Toen de werkloosheidsregels van het kunstenaarsstatuut in april 2014 werden aangepast hield men rekening met die realiteit. De ‘cachetregel’, die voordien enkel van toepassing was op podiumkunstenaars, werd toegankelijk voor iedere kunstenaar.

Het begrip ‘taakloon’ werd in de werkloosheidsreglementering als volgt omschreven: "er is geen rechtstreeks verband tussen dit loon en het aantal arbeidsuren waaruit de activiteit bestaat." Met behulp van een specifieke berekeningsmethode wordt het taakloon omgezet naar tewerkstellingsdagen.

Cultuurvakbond.be is niet akkoord met de huidige toepassing van de cachetregel door de RVA. Zij leggen de link met sectorale cao’s om te bepalen of de specifieke berekeningsregel gehanteerd kunnen worden. En gaan zelfs zo ver om te zeggen dat een taakloon niet zou kunnen in sectoren met cao’s waarin maandbarema’s, uurlonen en dienstvergoedingen zijn afgesproken.

Cultuurvakbond ging samen met de andere vakbonden en werkgeversorganisaties hierover in gesprek met de bevoegde minister Kris Peeters. De minister toonde begrip voor de problematiek en gaf ons de opdracht om voorstellen tot oplossing uit te werken. Deze opdracht bestond uit twee delen;

1) Er moet meer duidelijkheid komen over het taakloon als vergoeding in onze sectoren;
2) De voorstellen mogen misbruik niet in de hand werken.

We kregen tot eind februari 2018 de tijd om met voorstellen te komen.

Ontwerptekst

De afgelopen periode werd er zeer intensief overlegd met alle betrokken sociale partners, zowel Nederlandstalig als Franstalig, zowel uit de beeldende kunsten als uit de podiumkunsten, muziek, de audiovisuele sector, film en socio-culturele sector. We lieten ons hierbij bijstaan door adviseurs van het Cultuurloket en door onze interne werkloosheidsspecialisten.

Op deze manier slaagden we er in voorstellen te formuleren die door alle betrokkenen gedragen worden. De voorstellen werden alvast door verschillende paritair comités goedgekeurd. Zo gaven de filmsector (PC 303) en de audiovisuele sector (PC 227) al hun zegen. De paritaire comités van de podiumkunsten (PC 304) en de socio-culturele sector (PC329) komen in de loop van de maand maart hiervoor samen. De ontwerptekst werd op 6 maart besproken met minister Peeters.

Korte termijn – Lange termijn

Om dit dossier zo snel mogelijk te deblokkeren legden we korte termijnoplossingen voor. We definieerden wanneer een taakloon een correcte vorm van vergoeden is. Deze bepalingen moeten dan ook door de RVA gevolgd worden. Dossiers die voorheen geweigerd werden, moeten in dit licht herbekeken worden.

We willen ook een structureel overleg met de RVA om te vermijden dat de toepassing van de werkloosheidsregels een discussiepunt blijft. Daarnaast willen we bijkomende gegevens en cijfers om ervoor te zorgen dat de juiste conclusies worden getrokken over de tewerkstelling van artiesten. De cumulregeling moet ook aangepast worden zodat tewerkstelling tegen een normaal loon niet afgestraft wordt.

Er is echter meer nodig om adequate sociale bescherming te bieden aan artiesten en aan alle medewerkers die met korte contracten werken. Dat blijft ons doel en daar zullen we altijd voor blijven ijveren. Daarom formuleerden we ook lange termijnoplossingen waar we in toekomst meer op zullen inzetten.

Het overleg met Minister Peeters wordt verdergezet. To be continued….