Enkele vragen en antwoorden voor artiesten/cultuurwerkers tijdens de coronacrisis

Het zijn zware tijden, iedereen leeft in grote onzekerheid en maakt zich grote zorgen. Deze zorgen zijn niet enkel gericht op hoe gezond blijven en hoe ervoor zorgen dat je omgeving gezond blijft. Jammer genoeg komen er ook financiële zorgen bij.

De vele maatregelen die genomen worden hebben al na enkele dagen tot een financieel slagveld geleid in de culturele en artistieke sector. Artiesten en cultuurwerkers zien hun inkomen plotseling en onverwacht drastisch slinken. Rekto:verso schreef er een uitgebreid artikel over. Deze crisis legt pijnlijk bloot wat precariteit in de kunstensector precies betekent. Organisaties doen er alles aan om het hoofd boven water te houden, maar hebben vaak een te kleine financiële buffer. Artiesten en cultuurwerkers die in normale omstandigheden al een te laag inkomen en te weinig zekerheid hebben, komen zeer snel in de gevarenzone. Voor een aanzienlijk aantal werkers is het onmogelijk om terug te vallen op een werkloosheidsuitkering of op andere inkomsten.

We rekenen erop dat de overheid ook voor de sector zorgt en met steunmaatregelen komt. Steunmaatregelen om ervoor te zorgen kunstenorganisaties na de crisis er nog staan en steunmaatregelen voor medewerkers. Wat de medewerkers betreft kan dit gaan over één of andere vorm van compensatie voor gederfde inkomens of een voldoende hoog vervangingsinkomen. Deze steunmaatregelen moeten er snel komen, maatwerk volgens statuut is noodzakelijk.

Er is al heel wat gezegd over tijdelijke werkloosheid omwille van overmacht. De beslissingen van de nationale veiligheidsraad om tot sluiting te bevelen van de inrichtingen die behoren tot de culturele, feestelijke, recreatieve, sportieve en horecasector geeft iedereen die er belang bij heeft om overmacht in te roepen hiertoe de mogelijkheid. Onze sociale zekerheid kan een opvangnet zijn voor een aantal werkers, maar niet voor iedereen. We leggen dit uit aan de hand van enkele vragen:

Ik ben artiest/cultuurwerker en heb een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur met mijn werkgever in de culturele sector.

De werkgever kan beroep doen op tijdelijke werkloosheid, net zoals voor andere sectoren, en dit omwille van de “overmacht” (coronacrisis).
Bij tijdelijke werkloosheid omwille van overmacht ontvang je als werknemer een uitkering.

Uitkering:
De werknemer is vrijgesteld van wachttijd. En moet niet zoals bij de gewone werkloosheid een aantal dagen tewerkstelling bewijzen.
De uitkering bedraagt in principe 65% begrensd loon, maar tot 30 juni 2020 verhoging uitkering tot 70% van het begrensd loon (grens = 2.754,76 euro per maand). Indien de artiest met taakloon zou betaald worden, wordt het dagloon bekomen door het taakloon te delen door het aantal dagen begrepen in de aangifte DIMONA. Dit dagloon is geplafonneerd op 105,9523 euro. De overeenkomst wordt geacht voltijds zijn.

Welke stappen je als ACV-lid moet zetten om tijdelijke uitkeringen te krijgen, lees je hier: https://www.hetacv.be/actualiteit/campagnes/coronavirus-op-het-werk/aanv....

Het is aan RVA om de overmacht te erkennen, enkel dan kan dit systeem toegepast worden. De RVA zal elk dossier bekijken en geval per geval beantwoorden.
Volgens de laatste instructies van de RVA gelden volgende regels :

Tewerkstelling in het kader van een cultureel of sportief evenement? De voorbeelden in de opsomming hierna zijn niet exhaustief:

  • Sluiting van een bioscoop
  • Annulatie van een sportwedstrijd (voetbalwedstrijd, wielerkoers, …)
  • Sluiting van een museum
  • Annulatie van een muziekconcert
  • Annulatie van folkloristische activiteiten

In al deze gevallen kan tijdelijke werkloosheid wegens overmacht worden ingevoerd.

Ik ben artiest en werk met korte contracten. Ik had enkele betaalde opdrachten als werknemer in de periode tussen 13 maart en 30 juni.

• Contracten van bepaalde duur.
Over contracten van bepaalde duur die nog niet zijn aangevat, heeft de RVA het standpunt verduidelijkt:
Tijdelijke werkloosheid is in sommige situaties mogelijk. Het is wel vereist dat de partijen ter goeder trouw zijn. De partijen mogen de arbeidsovereenkomst niet afgesloten hebben op een ogenblik waarop reeds vaststond dat het begin van uitvoering wegens de coronacrisis in principe niet meer mogelijk was.

Tijdelijke werkloosheid in arbeidsovereenkomsten afgesloten na 13 maart 2020 kan om die reden niet aanvaard worden, tenzij cumulatief voldaan is aan de volgende voorwaarden :
• De indiensttreding is nodig om bedrijfsorganisatorische redenen (bvb vervanging van een werknemer is essentieel is voor de werking van het bedrijf)
• Er wordt in de onderneming op regelmatige basis nog gedeeltelijk gewerkt
Arbeidsovereenkomsten mogen in geen geval geantidateerd worden. RVA zal hierop controles uitoefenen.

• Opgelet wijziging sinds 3 april! Contracten voor bepaalde evenementen.
Tot slot heeft de RVA ook een standpunt ingenomen voor tijdelijke werkloosheid voor werknemers met contracten in het kader van evenementen die geannuleerd werden.
Tijdelijke werkloosheid is in principe enkel mogelijk voor werknemers die al in dienst zijn. Maar de minister van Werk heeft op ons aandringen op 1 april 2020 beslist dat het mogelijk is om tijdelijke arbeidsovereenkomsten te schorsen omwille van overmacht en dus tijdelijke werkloosheidsuitkeringen te genieten ten laste van de RVA.

Opgelet! Indien de arbeidsovereenkomst wordt afgesloten op een ogenblik waarop er al twijfel bestaat in hoeverre het evenement nog zal kunnen doorgaan, kan geen tijdelijke werkloosheid worden toegekend. Aan de partijen wordt gevraagd te goeder trouw te zijn en geen arbeidsovereenkomsten te antidateren. De RVA zal hierop controle uitoefenen. Een dimona aangifte verricht op een tijdstip vóór 13 maart 2020 kan bijvoorbeeld gelden als een bewijs van goede trouw. Het is ook aangewezen dat documenten die de goede trouw kunnen aantonen worden bijgehouden (bv. al gedrukte programmaboekjes, emailverkeer).

Opgelet 2de wijziging sinds 1 mei:

De minister van Werk heeft op vrijdag 8 mei in de Commissie Sociale Zaken van de Kamer gecommuniceerd omtrent de tijdelijke werkloosheid voor artiesten en medewerkers in de artistieke en evenementensector. De minister heeft duidelijk geluisterd naar wat wij, maar ook heel wat andere belangenbehartigers als knelpunten in het systeem van de tijdelijke werkloosheid hadden gedetecteerd. Haar verklaringen leiden nu tot een versoepeling en verbetering van het systeem.

Werknemers uit de evenementen- en artistieke sector, zullen een beroep kunnen doen op de tijdelijke werkloosheid overmacht corona onder de volgende voorwaarden:
• - Het moet gaan om een artistieke prestatie die, of evenement dat door een beslissing van de nationale veiligheidsraad werd afgelast of verboden omwille van het verbod op samenscholing van toeschouwers of deelnemers;
• - Het evenement/de artistieke prestatie moest plaatsvinden in de periode van 1 mei tot 31 augustus 2020; Wat de evenementen betreft die normaal zouden plaatsgevonden hebben in de periode van 14/03/2020 tot en met 30/04/2020, is tijdelijke werkloosheid mogelijk onder dezelfde voorwaarden indien je voor die dagen nog geen uitkeringen als volledig werkloze hebt ontvangen.
• - De werknemer/artiest zou tewerkgesteld moeten geweest zijn in het kader van een arbeidsovereenkomst, en dit ongeacht de functie;
• - Uit de aanvraag van de werknemer/artiest en de aangifte van de werkgever moet blijken dat het evenement/artistieke prestatie en de aanwerving van de werknemer met een arbeidsovereenkomst al voorzien waren sinds een datum vóór 15 april 2020. Dat moet blijken uit schriftelijke bewijzen van alle mogelijke aard (offertes, programmaboekjes, mails, enz.), met een datum vóór 15 april 2020, die bij de aanvraag van de werknemer worden gevoegd;
• - Voor de werknemer die geen artistieke activiteit uitoefent, moet bij de aanvraag het bewijs zijn gevoegd dat de werknemer, in de referteperiode van mei tot augustus van het voorafgaande jaar tewerkgesteld was in het kader van een gelijkaardig evenement.
• -De werknemers of artiesten ontvangen een uitkering voor tijdelijke werkloosheid voor de dagen dat ze in normale omstandigheden gewerkt zouden hebben.

Als je nog niks vernam van je werkgever contacteer hem/haar zodat hij/zij een aanvraag tijdelijke werkloosheid voor je doet. Vergeet zelf ook niet je aanvraag tijdelijke werkloosheid bij ons in te dienen. Voor deze tijdelijke werkloosheid zal het document C3.2-WERKNEMER-CORONA-EVENEMENT gelden. Indien je werkgever de aanvraag niet in orde brengt, neem dan contact op met het plaatselijke RVA kantoor of vraag ons de werkgever te contacteren. We helpen je hier graag bij.

Als je als artiest of cultuurwerker in aanmerking komt voor werkloosheidsuitkeringen wegens volledige werkloosheid dan kan je voor de dagen waarop geen tewerkstelling was gepland terugvallen op de gewone werkloosheid. Je zal wel voor elke periode van tijdelijke werkloosheid die gevolgd wordt door dagen volledige werkloosheid een ondertekende C4 moeten bezorgen aan je ACV dienstencentrum.

We krijgen ook veel vragen binnen over het zogenaamde artiestenstatuut in de werkloosheid.

Blijven de regels gelden die van toepassing zijn op artiesten en techniekers in het zogenaamde artiestenstatuut?

Het gaat over de zogenaamde “voordeel"-regel. Deze regel houdt in dat na het einde van de eerste vergoedingsperiode van 12 maanden de werknemer die artistieke activiteiten uitoefent een neutralisatie van de degressiviteit van de uitkering kan aanvragen indien hij/zij in een referteperiode van 18 maanden 156 arbeidsdagen in loondienst kan aantonen, waarvan er 104 arbeidsdagen als artiest.
Dit voordeel is jaarlijks hernieuwbaar op basis van 3 artistieke prestaties in de laatste 12 maanden.
Deze versoepeling is alleen van toepassing voor de artiesten, niet voor de techniekers in de artistieke sector!

Dit houdt in dat voor het vaststellen van deze referteperiodes de periode van 01/04/2020 tot 30/06/2020 wordt geneutraliseerd.

Voorbeeld 1: de artiest heeft nog geen recht op het voordeel.

    De eerste vergoedingsperiode van de artiest eindigt op 01/05/2020. Deze zal worden uitgesteld tot 01/08/2020 omwille van de bevriezing van de degressiviteit.
    Op 01/08/2020 moet de artiest 156 arbeidsdagen aantonen in de referteperiode van 01/02/2019 tot 31/07/2020.
    Die periode omvat de periode van 01/04/2020 tot 30/06/2020.
    De referteperiode na toepassing van de ‘coronamaatregel’ loopt dan van 01/11/2018 tot 31/07/2020.

Voorbeeld 2: de artiest heeft nog geen recht op het voordeel.

    De eerste vergoedingsperiode van de artiest eindigt op 01/12/2021.
    Op die datum moet de artiest 156 arbeidsdagen aantonen in de referteperiode van 01/06/2020 tot 30/11/2021.
    Een deel van die periode valt in de periode van 01/04/2020 tot 30/06/2020. De referteperiode loopt hierdoor van 01/03/2020 tot 30/11/2021.

Voorbeeld 3: de artiest geniet van het voordeel volgens artikel 116, § 5 KB dat eindigt op 30/04/2020.

    Door de tweede maatregel (zie hieronder), wordt de periode gedekt door het voordeel, verlengd tot en met 30/06/2020.
    Om recht te hebben op de hernieuwing van het voordeel, moet hij/zij 3 artistieke prestaties aantonen gelegen in de referteperiode van 01/07/2019 tot 30/06/2020.
    Er wordt geen rekening gehouden met de periode van 01/04/2020 tot 30/06/2020.
    De referteperiode wordt met drie maanden verlengd en loopt van 01/04/2019 tot 30/06/2020.
    Indien de artiest in die periode 3 artistieke prestaties aantoont, zal het voordeel worden verlengd van 01/07/2020 tot 30/06/2021.
    Om daarna opnieuw recht te hebben op een hernieuwing, moet de werknemer 3 artistieke prestaties aantonen in de referteperiode van 01/07/2020 tot 30/06/2021.

De tweede coronamaatregel houdt in dat artiesten die dit voordeel genieten dit behouden tot 30/06/2020, indien het voordeel normaal zou afgelopen zijn in de periode van 01/04/2020 tot 30/06/2020.

Voorbeeld 4: de artiest geniet van het voordeel behoud hoogste vergoedingspercentage, dat eindigt op 30/04/2020. Door deze tweede maatregel, wordt de periode gedekt door het voordeel verlengd tot en met 30/06/2020.

Blijven de regels gelden om toelaatbaar te zijn voor de volledige werkloosheid? Blijven de regels gelden om de eerste toekenning van de voordeelregel te verkrijgen?
Blijft de referteperiode van 12 maanden gelden waarin ik om mijn statuut te behouden drie tewerkstellingen moet bewijzen?
Antwoord: ja, de wetgeving is niet aangepast. Als je in deze periode je voordeelregel moet verlengen, bezorg het ACV de nodige documenten, dit kan via mail of via de brievenbussen. We ijveren uiteraard voor aanpassingen zodat je artiestenstatuut niet in het gedrang komt door het coronavirus.

Ik ben tijdelijk werkloos gesteld. Hoe breng ik dit het beste in orde aangezien ik mij niet naar een dienstencentrum kan begeven?

Voor de veiligheid van onze medewerkers en onze leden werken we achter gesloten deuren.
Onze medewerkers van de werkloosheidsdiensten verwerken momenteel de vele dossiers. Er werden met RVA procedures uitgewerkt om de toestroom van dossiers tijdelijke werkloosheid vlot te laten verlopen.

Volg online de website hetacv.be, hier worden de procedures up to date gehouden. In ‘mijn ACV’ controleer je best je mailadres en telefoonnummer, zodat je vlot bereikbaar bent.