Artikel 1bis en kunstenaarsvisum

Twitter icon
Facebook icon
e-mail icon
15 juni 2017 - 12:51pm -- Ine Hermans

In 2002 is er voor kunstenaars een specifieke regeling in het leven geroepen. Vanaf dan kunnen kunstenaars ook als werknemer beschermd worden, ook al werken ze niet onder gezag en kan er dus geen arbeidsovereenkomst worden afgesloten. Voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst dienen namelijk alle 4 elementen aanwezig te zijn: een overeenkomst, arbeid, loon en gezag of ondergeschiktheid.
 
De kunstenaars die als werknemer (voor de RSZ) willen werken, maar dat niet in ondergeschikt verband kunnen doen, moeten beschikken over een kunstenaarsvisum om de artistieke aard van hun prestatie of werk aan te tonen. Dat visum doet enkel uitspraak over de artistieke prestaties en geeft geen toestemming om elke artistieke prestatie te doen onder artikel 1bis.
 
Heb je het visum aangevraagd maar nog niet verkregen dan wordt je vermoed onder het toepassingsgebied van het artikel te vallen. Dat vermoeden is wel weerlegbaar tot aan de toekenning of de weigering van het visum.
 

Opgelet: het arbeidsrecht is op die overeenkomsten niet van toepassing. Dat heeft onder meer tot gevolg dat de in de sector opgelegde minimumlonen niet van toepassing zijn en er dus gewerkt kan worden voor vergoedingen die lager zijn dan de minimumlonen. Ook de afspraken omtrent vervoersregeling, eindejaarspremies, ecocheques, enz…van de bevoegde sector zijn niet van toepassing. Natuurlijk is dat in het nadeel van de werknemer.

Het kunstenaarsvisum doet enkel uitspraak over de aard van de prestaties en geeft geen toestemming om elke artistieke prestatie te doen onder artikel 1bis.  Er worden regelmatig dossiers ingediend waar uit de toegevoegde documenten kan afgeleid worden dat er wel een arbeidsovereenkomst zou kunnen worden afgesloten. Om de artiest correct te informeren wordt er daarom bij het toekennen van het visum specifiek vermeldt dat het gebruik van dit visum enkel gebeurt voor prestaties die geleverd worden voor een opdrachtgever.

Indien volgende elementen deel uitmaken van de overeenkomst, is de kans zeer reëel dat er wel een arbeidsovereenkomst kan worden afgesloten en dan mag men artikel 1bis niet gebruiken en heeft men dus ook geen visum nodig:

  • Er is een afspraak over de te leveren prestaties;
  • er is een afspraak over de tijdstippen waarop de artistieke prestatie moet geleverd worden.
  • Bovendien moeten deze prestaties worden uitgevoerd volgens bepaalde instructies die worden gegeven door de opdrachtgever;
  • Er is een afspraak over de duur van de overeenkomst;
  • Er is verder ook een verloning afgesproken, zijnde een bepaald bedrag per dag. Boven die verloning heeft de artiest ook recht op betaling van de kosten;
  • Er is een afspraak in verband met de aansprakelijkheid van de artiest en de aansprakelijkheid van de opdrachtgever.
  • ...

De RVA herberekent altijd het loon dat wordt verdiend door gebruik te maken van artikel 1bis. Dat heeft gevolgen voor het aantal niet vergoedbare dagen na de prestatie.  Zo leidt een tewerkstelling voor 1 dag aan 300 euro bijvoorbeeld tot twee niet vergoedbare dagen. De dag tewerkstelling zelf geeft ook geen recht op een werkloosheidsvergoeding.